Alle berichten door theateraanzee

HET IS AAN… Rashif

HET IS AAN… RASHIF

Ik ben malcontent, misnoegd en mistevreden.

Alles went behalve ne vent.
Ik kan bellen, sms’en, whatsappen, mailen, facetimen, skypen en een postduif te hemel laten stijgen,

Maar ik heb minder en minder te zeggen.
Want aan mij wordt niks gevraagd.

Ik ben bokkig, balorig en brommerig.

Ik leef langer en langer, maar het gaat slechter en slechter met mijn rug, mijn knieën en mijn geduld.
Ik moet dringend ontstressen, decompressen en mezelf gaan vinden tijdens een staycation van de 3e tot de 5e augustus.

Ik ben narrig, nors en nurks. 

Want vroeger was het beter.  Het is niet meer hoe het geweest is.  We moeten terug naar de tijd toen we er nog niet waren, toen was het beter, heb ik horen zeggen van mensen die er toen ook nog niet waren.

Ik ben zo kribbig, korzelig en knorrig. 

Bruine mensen voelen zich niet gezien en witte mensen hebben het gevoel dat ze net te veel bruine mensen zien.

Anderen klagen te veel en ik klaag nog te weinig.

Ik bestel guilt-free haribo-snoepjes online met mijn smartphone gesmeed uit bloedkobalt.

Ik moet nog gaan bosbrossen en ik ben knetter ‘woke’, maar ik voel mij niet uitgeslapen…

Ik voel mij zo gemelijk, gemélijk, gémélijk…. MALCONTENT!

______
In deze ‘vloeibare tijden’ tiert het menselijk onbehagen weelderig, zowel in de bovenlaag als in de onderlaag van onze samenleving, hetzij gefundeerd hetzij bij de haren getrokken. Laat ons op TAZ hierover praten met elkaar.  Laat ons elkaar ontmoeten in de tussenruimte, de ruimte tussen de polariteiten.  Laat ons elkaar de hals tonen, als honden in een roedel. Laat ons oprecht kwetsbaar zijn tegenover, naast, en bij elkaar. Laat ons het onbehagen erkennen, opdat het niet kan sluimeren onderhuids en zweren achterlaten op onze ziel.  Tot wij weder stiekem kraaien van contentement.


CREDITS
Illustratie: Janice Feryn

HET IS AAN… Brik Tu-Tok

HET IS AAN… BRIK TU-TOK

dear friends

I HAD A GOOD LAUGH!



but now it’s over

….trusty trusty friends…
w h e r e   a r e   y o u ?  


door opens – everbody faints

will we pick up the trouble before it blows?
will it be trick or treat? – (nobody knows) –
I felt something moving behind my back
must be a new chapter – (that’s a fact) –
but I don’t know why I’m still walking around this shit
I must admit the mask I bought – it just don’t fit
T H E   G O A L   A I N ‘ T   C L E A R !
all I collect so far are lonely fears
so maybe I realise this paradise ain’t no surprise
It is full of lies and dark skies

whisper voice:
I tried to avoid them but they make children
and they are waving at me while I’m making love
with thieves

BRIDGE

a few doubts I have to swallow today:

– what about the do’s and the don’t’s?
– did they do or did they do nothing at all?
– why would we glow deep down under?
– didn’t you receive my pounding crumble?

I’m afraid to say
things will get

WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE
WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE
WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE WORSE

Robert:
(…) but I didn’t made up my mind!  
my     mind      made     up        me!

an angel repeats without voice:
WORSE? WORSE? WORSE? WORSE? WORSE? WORSE?
WORSE? WORSE? WORSE? WORSE? WORSE? WORSE?

‘Hush a Bye Bye’ we say 
look what the world has done today
it’s important that we stay
please believe the hidden wonder
why would we glow deep down under?

(outro: ONLY ONE OF US IS SWAN!!)

pray for them –  we’ll pray for you
stay close to what you’ve lost
the vow will bring no happy end

but wouldn’t you like to see
us on the rivers of revery?
TAKE A GENTLE SWIM INTO
THE DEEP BLUE SEA OF DISAGREE!


LET’S RAISE OUR FLOWERS WHILE
FLIRTING THE FEVER AWAY

Robert:
but I’m not Madonna
miss Donna didn’t come

(curtain falls – dog barks – children wave bye bye)

Credits
Illustratie: Janice Feryn

HET IS AAN… Julie Cafmeyer

HET IS AAN…
JULIE CAFMEYER

Ik ben op reis in Myanmar. Ik zit op een roze plastic stoel en drink een green-tea. Er komt een man naast me zitten, ik schat dat hij 92 jaar is. Hij vraagt me hoe oud ik ben. 
“30.” 
“Wat ben je hier aan het doen?” 
“Aan het reizen.” 
“Heb je een man?” 
“Nee.” 
“Heb je kinderen?” 
“Nee.” 
“Je bent dus alleen?” 
“Ja.” 
You should get married and have children. You are wasting your life.” 

Ik zit nog steeds op een roze plastic stoel. En vraag me af: 
Wat wordt er vandaag geacht van de vrouw? 

Eerst moet je – uiteraard – een koppel vormen. Zo lang je alleen bent, draag je een raar soort eenzaam, falend aura over je. Je doet yoga en blijft jezelf toefluisteren dat je happy bent. Je bent verslaafd aan peper- en zoutchips. Je bent te lui om te stofzuigen, maar dat is misschien niet erg want je verwacht toch bijna nooit bezoek. Je bent er nog altijd niet in geslaagd om de juiste aan de haak te slaan. Je zult je charmanter moeten gedragen. En vooral rustig blijven in het begin. Bewijs dat je psyche evenwichtig genoeg is om een goede, stabiele man te vinden. 

Je hebt nu een relatie. Je vindt dat zijn adem stinkt. Is je instinct je iets aan het vertellen? Je kunt beter naar je verstand luisteren. Als hij het niet is, wie dan wel? Bijna iedereen is al bezet. Als je met je vriend praat over de wereld, kun je je niet vinden in zijn wereldbeeld. Ga toch maar door. Dit is een goede man. Je kan niet alles in de liefde hebben. Doorgaan. ‘s Nachts in bed voel je soms een connectie als je tegen hem aan ligt en denk je: misschien komt het nog wel goed. 

Je bent al enkele jaren samen en denkt nu aan het kopen van een huis. Wie geen huis koopt, gooit zijn geld weg. Wie geen huis koopt, kiest voor een onzekere toekomst. Je spaart. Niet alleen voor je pensioen, maar ook voor je droomhuis. 

Na het huis maak je een kind. De echte vrouw maakt een kind. Vrouwen die geen kinderen willen zijn te wantrouwen. Want als vrouwen geen kind maken, waar gaan ze dan hun tijd aan spenderen? Je bent nu een aantrekkelijke vrouw die met plezier stofzuigt en tweewekelijks etentjes organiseert op haar terras. Met veel elegantie tover je een vegetarisch vijfgangendiner op tafel (geïnspireerd door Ottolenghi). Het zuchten hou je wel voor achter de schermen. Je bent gelukkig. Jullie zijn gelukkig. Je serveert suikervrije cheesecake. Altijd biologisch. Je bent gedisciplineerd genoeg om vervolgens maar een bescheiden stukje te nemen. Ook je chipsverslaving is – zo goed als – onder controle. Je kunt genieten van het leven! Met mate. Vannacht zal je misschien bemind worden. Hou de moed erin. En zo blijf je je gezin en je beroep managen. Met stijl. Je hebt geen zenuwinzinking. Wie blijft glimlachen zal beloond worden. En hopelijk ook bemind. Misschien. Misschien zal je op een dag bemind worden. 

Credits
Illustratie: Janice Feryn

De goden zijn nog altijd kwetsbaar

Ode aan de zee in de woorden van Hugo Claus 

Vandaag vindt in KAAP/Vrijstaat O. de tweede aflevering van ApéroPoëzie plaats. Met als gasten Jan Decleir en dichter Delphine Lecompte, maar ook illustratror Gerda Dendooven, schrijver David Nolens en blueslegende Roland Van Campenhout. Veel schoon volk alweer, kortom, in het onvolprezen programma van het Poëziecentrum en deAuteurs. De reeks wordt dinsdag voortgezet met o.a. Warre Borgmans en Lies Van Gasse; later in de week volgen nog Roos Van Acker, Stijn Meuris en hun gasten. 

Omdat de zee – het eeuwenoude cliché blijft van toepassing – dagelijks inspireert tot een overpeinzing, al dan niet met dichterlijke bravoure of allure, citeren we hier graag nog eens de Meester zelve. Met zijn gedicht getiteld ‘Zeezicht’, een ode waarin de stad Oostende ook een rol speelt, zij het tussen de regels. 

Zeezucht

De goden zijn kwetsbaar
Zij sterven uit
Al zijn ze nog zo vruchtbaar
Wij zien het gebeuren

Er rest ons nog de herinnering
aan rozen, aan Ensor zijn baard
de geur van seringen
het gerucht van de ransuil
de lucht van frambozen

de bloemencorso
een litho van Spilliaert
de IJslandvaart

Sehnsucht?

Zeezucht


Hugo Claus 

‘Als we Hawking mogen geloven, zijn de aliens al lang onder ons.’

Stijn Meuris in het hoofd van Stephen Hawking

Dat de vorig jaar overleden Britse natuurkundige, wiskundige en kosmoloog Stephen Hawking een genie was, weten we. Dat Stijn Meuris een fan is van all things sterrenkunde ook. Stijn duikt nu ín het hoofd van Hawking, en dat doet hij niet alleen, want hij neemt ook een orkest, Room 13 Orchestra, én een visuele artieste, Lise Vanlerberghe, mee.
Katrien Brys

Stijn Meuris: “Het lag misschien voor de hand dat ik ooit een voorstelling over Stephen Hawking zou maken, maar het voorstel, ook om samen te werken met het Gentse Room 13 Orchestra, kwam eigenlijk van Martine Van Autrijve van Koortzz. Wacht eens even, dacht ik, ik vertel over Hawking, en tussendoor is er muziek en er wordt ook nog eens live animatie bijgetekend door Lise? Gaat dat wel allemaal matchen met elkaar? Het antwoord op die vraag blijkt dus: ja. Het sluit allemaal naadloos op elkaar aan, alsof het een film is. Room 13 heeft bijvoorbeeld arrangementen gemaakt van enkele Noordkaap-nummers, die wonderwel aansluiten op het thema. Ik blijk enorm veel nummers geschreven te hebben die zowel van ver als van dicht over de kosmos gaan, nog veel meer dan ik dacht. (lacht)Als type voorstelling is het weliswaar een beetje een Fremdkörper, maar dat maakt er voor ons ook een geweldig spannend experiment van.”

Ik vond nog een interview met jou terug uit 2009, naar aanleiding van Stijn en het Heelalop Canvas, waarin je Stephen Hawking je favoriete astronoom noemt. Wat maakte hem voor jou zo bijzonder?

“Het is eigenlijk heel simpel: mocht Stephen Hawking niet aan ALS geleden hebben en zo vroeg in een rolstoel zijn beland, dan hadden we misschien nooit van hem gehoord. Dat klinkt wat oneerbiedig, maar volgens mij is het de realiteit. Mensen vergeten nu soms dat hij echt wel een topwetenschapper was en zien hem als een soort societyfiguur. Dat die in een extreem highbrow vakgebied werkte en zo’n verregaande ideeën had dat collega-wetenschappers er zelfs niet aan dachten. Of indien wel, dan waren ze niet gekend bij het grote publiek. Hawking daarentegen, die gaf lezingen, dook op in The Simpsons, als LEGO-figuur… Van zijn boeken werden miljoenen exemplaren verkocht. Hij opende een deur naar een andere manier van nadenken, over hoe de kosmos in elkaar zit, over zwarte gaten en parallelle universums, en wat dat allemaal precies is.”

Het helpt dat we zwarte gaten en andere dimensies als concepten al kennen uit de sciencefiction. We snappen de wetenschap misschien niet, maar dat er elf dimensies zouden zijn prikkelt wel de fantasie.

“Dat is ook zo grappig. Mensen kennen drie dimensies; lengte, breedte en hoogte. Met wat fantasie is tijd de vierde, maar veel mensen vinden dat al lastig, om tijd te zien als een lineair gegeven. Hawking, die zei ineens: ‘Zeg, ik heb eens gerekend, ik denk dat er elf dimensies zijn.’ (lacht)Onze hersenen kraken bij vier, hij zat aan elf. Nóg grappiger is dat hij dan enkele jaren later zei dat het er dan toch maar zeven bleken te zijn. Waren we ineens vier dimensies kwijt, die we om te beginnen al niet snapten, laat staan in woorden konden omschrijven. Dat illustreert wel hoe die man zijn brein werkte. Een theorie van mezelf is dat hij door zijn ziekte op den duur ook écht alleen nog maar brein was, dat hij al tot een soort tussenstadium tussen mens en computer was geëvolueerd.”

Als je dan zo’n voorstelling maakt, is er dan geen gevaar dat je veel dingen moet uitleggen die het publiek niet eens kan snappen?

“Ja, natuurlijk. En dat is ook mijn probleem, want ik ben geen wetenschapper. Als Hawking in A Brief History of Timeovergaat tot de pure wiskunde of fysica, moet ik ook afhaken. De verwondering, die kan je wél overbrengen. We hebben daar lang over gediscussieerd: hoe diep moet ik in die wetenschap gaan? Onze conclusie was: maak de mensen gewoon warm. Zorg dat ze buitenkomen na de voorstelling, naar boven kijken en denken: ‘Wow, dat wist ik helemaal niet!’”

Leg eens in een paar punten uit zijn wetenschappelijke verdienste uit?

“Op basis van zijn theorieën en berekeningen is de kosmologie – de wiskundige tak van de astronomie – een stuk verder geraakt. Een ervan ging over de fameuze Big Bang, ongeveer 13,8 miljard jaar geleden. Maar dan is er de vraag, die zelfs kleine kinderen stellen: ‘Oké, maar wat was er dan daarvóór?’ Hawking toonde aan dat dat een singulariteit was. Een punt – je mag het eigenlijk niet zo noemen – van onbestemde omvang. Soms zeggen mensen: dat was een punt zo groot als een speldenkop, of nog kleiner. Niet dus, want het woord ‘klein’ is niet toepasbaar. En tijd ook niet, want tijd bestond nog niet, enzovoort. Redelijk moeilijk al. Hij ontdekte bijvoorbeeld ook de Hawkingsstraling, dat er toch data kan ontsnappen uit een zwart gat. Geen voorpaginanieuws in Het Laatste Nieuws, maar qua wetenschappelijke doorbraak vergelijkbaar met vaststellen dat de aarde toch niet plat is.” 

We hebben net de uitgebreide viering van de eerste maanlanding achter de rug. Hoe schat je de kansen van de bemande ruimtevaart in?

“Heel slecht. Na de laatste Apollomissie van 1972 is er amper nog iets gebeurd. De Amerikanen hadden aan de Russen kunnen bewijzen dat zij het konden en de Russen niet: daarna was het vet van de soep. Ja, er is het ISS, maar dat hangt op 400 kilometer hoogte, dat is van hier naar Parijs. De SpaceShuttle, dat is gewoon mislukt. Zowel NASA als de Russen hebben volgens mij stiekem besloten: we doen alles met robots. Minder sexy, wel haalbaarder en veiliger. ‘t Is altijd lachen als er weer eens een Amerikaanse president aan het einde van zijn ambtstermijn lallend in een micro roept: ‘En we gaan naar Mars!’ Dan kruipen er bij NASA waarschijnlijk enkele ingenieurs onder hun bureau.”

‘Mensen vergeten soms dat hij een topwetenschapper was en zien hem als een societyfiguur’

Elon Musk volhardt nochtans ook in zijn idee dat er in 2040 een mensenkolonie op Mars zit.

“De eerstkomende vijftig jaar, vergeet het. De maan, dat kan wel, maar waarom zouden we? Als eerste tussenstap om naar Mars te gaan, klinkt het dan. Bekijk eens goed die afstand op de kaart? Want dat is hetzelfde als dat je – met veel moeite – van Oostende naar Leffinge geraakt, als eerste tussenstap om Moskou te bereiken. Ooit verhuist de mens wel. Ooit. Dat is geen vage theorie, maar iets waar wetenschappers ernstig rekening mee houden. Maar wij noch onze kinderen gaan het meemaken.”

Om af te sluiten: moeten we schrik hebben van buitenaards leven, zoals Hawking geloofde?

“Onder wetenschappers schiet dat twee kanten uit. Er zijn er die zeggen: alseen interplanetaire beschaving erin slaagt om tot hier te geraken, dan zijn die vast en zeker zo ver gevorderd in hun evolutionaire ontwikkeling dat ze ook geen primitieve concepten als oorlog en strijd meer kennen. Andere wetenschappers, waaronder Hawking, schatten dat minder positief in. Buitenaards leven dat tot hier komt is dan vooral geïnteresseerd in het plunderen van onze grondstoffen. Hawking had er trouwens nog een spannendere theorie over, namelijk: ze zijn hier al! De mensheid is een biologisch experiment van een buitenaardse levensvorm, waarbij de aarde als een soort serrekastje fungeert. En om de zoveel honderd jaar komen ze eens kijken hoe het met hun plantjes gesteld is. (lacht)Hawking meende dat dus, hij verbond dat zelfs met de grote golf van onverklaarde UFO-sightingsin de tweede helft van de vorige eeuw, te beginnen met het Roswellincident in 1947. Dat was volgens hem dus zo’n periode waarin die aliens even naar hun experiment kwamen kijken.”

Credits
Illustratie: Janice Feryn

‘Elektrische wagens zijn echt zeer ongezond’

Normaal hadden we hier een Idee gepubliceerd uit de speciale editie die Lucas De Man en Knack hebben samengesteld onder de titel: 100 ideeën voor een betere wereld. Maar tijdens het lezen bleven we toch vooral haperen aan een fragment uit een interview met de Duitse architect Thomas Rau. In het bijzonder moet Tesla het ontgelden, het geesteskind van de ondernemer Elon Musk. Thomas Rau: “De elektrische auto is een van onze grootste problemen. Ik zou iedereen afraden ermee te rijden. Het is slecht voor de volksgezondheid.”

Hoezo?

“Een elektrische auto heeft een elektrische wisselmotor. Die bouwt een elektrisch veld op, en dat veroorzaakt elektrosmog. In een gemi- ddelde elektrische auto ligt die – ik heb het zelf gemeten – tussen de 50.000 en 60.000 nanotesla. Ja, dat wordt in tesla gemeten. (lacht) Ter vergelijking: achter een beeldscherm mag van de Wereldgezondheid- sorganisatie maximaal 200 nanotesla schuilgaan. Ik heb een Tesla gehad, een van de eersten. Ik ben doodziek geworden, nooit meer ga ik in die auto zitten. Er zijn rapporten die zeggen dat langere tijd blootgesteld zijn aan meer dan 20.000 nanotesla kankerverwekkend is. Dat is wat we dus gaan doen: iedereen in zo’n kankerbolide zetten. Ik denk dat dat geen goed idee is.”

Ter info: de Duitser voegt eraan toe dat het euvel op te lossen valt, technisch gesproken. Maar dat het vooralsnog zeer duur is, tussen 8.000 en 10.000 dollar per wagen. En dat de auto-industrie niet ge- neigd is om die investering te doen. De firma Tesla wou niet reageren op het interview, zo liet de redactie van Knack nog weten. (SH)

100 ideeën voor een betere wereld is overal verkrijgbaar en kost 9,95 euro.

‘Waarom zou ik me moeten schamen over mijn lichaam?’

Julie Cafmeyer over ‘foute’ vrouwen

In Bad Woman gaat theatermaker en columniste Julie Cafmeyer aan het worstelen. Met beelden vooral – vrouwbeeld, lichaamsbeeld, wereldbeeld – en hoe conservatief, beperkend of strontvervelend die vaak nog zijn. Naar analogie met de oorspronkelijke titel van de voorstelling, Confessions Of A White Girl, zijn dit haar bekentenissen. 
– Katrien Brys

1. Het lichaam mag bevrijd worden

Bad Womangaat over het vrouwelijk lichaam. Mijn lichaam. En hoe vaak er over onze lichamen opmerkingen worden gemaakt. Je bent te dik, te dun, te dit, te dat… Ik veronderstel niet dat alleen vrouwen daar het slachtoffer van zijn – bij mannen heerst er tegenwoordig vast ook meer een body culture– maar mijn ervaring is natuurlijk wel die van een 31-jarige vrouw. En dan moet ik erkennen: ja, ik krijg opmerkingen van vrienden, lieven, familieleden, waar ik soms van afzie en die mij onzeker maken. Zodanig dat ik ineens bij mezelf merkte dat ik zwembadfeestjes altijd afsloeg, of nooit naar het strand ging. Terwijl ik een normale jonge vrouw ben. Dus waarom zou ik eigenlijk beschaamd moeten zijn over mijn lichaam? Want 99 procent van de mensen heeft géén modellenlichaam. Het is dan wel straf als je merkt hoeveel vrouwen – en dus vast ook mannen – daar in hun hoofd over lopen te malen.”

‘Op een feestje kreeg ik de vraag: zou een spermabank niets zijn voor u?’

2. Seks en/of liefde: het een sluit het ander niet uit

“Ik had een lange periode geen vaste relatie, wel veel affaires en romances. Soms kreeg ik vreemde reacties. Ik herinner me dat ik langsging bij een dokter voor een soa-test – het condoom was gescheurd – die me onder mijn voeten gaf. Of het wel zo’n goed idee was om van die losse contacten te hebben? Zeg, dacht ik toen, ik doe toch wat ik wil?Geconfronteerd met dat soort conservatisme, word ik rebels. Hoe dat er bij meisjes ook nog steeds ingestampt wordt: je moet je laten veroveren, oppassen voor mannen, je mag je niet laten doen, je lichaam niet te snel geven. Onzin. Vrouwen willen soms ook gewoon seks. En/of liefde, het een sluit het ander heus niet uit. In de columns die ik schrijf voor De Morgenben ik daar zeer openhartig over. Dat leidt soms tot harde reacties, maar ik krijg net zo goed ook lieve en zelfs dankbare reacties van vrouwen én mannen, omdat ik iets hardop gezegd heb dat ze zelf niet goed durfden.”

© Helena Verheye
3. Het is niet vanzelfsprekend om moeder te worden

“De oorspronkelijke titel van deze voorstelling was Confessions Of A White Girl, maar na enkele gesprekken met een bevriende feministische schrijfster besloot ik die te schrappen. Die titel voelde ineens niet meer goed. Ik wou het immers hebben over mijn zoektocht naar de vrouw die ík wil zijn, niet over het ‘white girl’-concept op zich. Want ineens kreeg ik ook uitnodigingen voor debatten over diversiteit, terwijl ik mij daar absoluut niet voor gekwalificeerd vind: ik ben gewoon een theatermaker, geen politicus of diversiteitexpert. Bad Womandaarentegen voelt helemaal juist. Het vat voor mij helemaal samen hoe we als vrouwen nog veel te veel gebukt moeten gaan onder bepaalde opgelegde normen. Dat we slecht bezig zouden zijn als we geen vast lief hebben, of als we ons eens razend kwaad maken, of nog geen kind willen, laat staan al hébben op ons 31ste. Op een feestje stelde iemand me letterlijk die vraag: “Zou een spermabank niets zijn voor u?” Die enorme, en enorm foute, veronderstelling dat ‘kinderen willen’ een evidentie is, geen vraag. De Canadese schrijver Sheila Heti schreef daar een fascinerende roman over, Motherhood, die precies gaat over hoe we de beslissing nemen om wel of geen kinderen te willen, en hoe we tot een conclusie kunnen komen.”

HET IS AAN… Delphine Lecompte

HET IS AAN… DELPHINE LECOMPTE



Oostende, ik verguis je niet meer

Ik groeide op in De Panne, een wilde en wetteloze kindertijd. Niemand keek naar me om (behalve de pedofiele tuinman), en dat vond ik heerlijk!
Ik stichtte brandjes in de duinen, pestte de veelgeplaagde ezeldrijver, deed belletje trek bij alle bewoners van de Toeristenlaan en raakte bevriend met een vereenzaamde Russische gravin die mij zure beertjes gaf (en af en toe een vingerhoed wodka), die Dode Zielen voorlas en die mijn kousen stopte.
Er stonden bunkers op het strand en in die bunkers maakte ik kennis met condooms en kroonkurken, ik nam die mee naar huis en legde ze als relikwieën op mijn nachtkastje.
Verder was er ook de Meli, een knullig pretpark met als thema ‘bijen’. Maar er waren niet enkel bijen in de Meli; er waren ook papegaaien die op fietsjes reden en kubistische portretten maakten.
En de dijk, oh de dijk, met zijn verfomfaaide orgeldraaier en zijn vulgaire Duitse toeristen en zijn opblaasreptielen en zijn groezelige tearooms Arizona en Monte Carlo genaamd, en op het eind van de dijk het standbeeld van de enige juiste koning: Leopold I.
Maar een keer per jaar moest ik samen met mijn grootouders naar Oostende, waar de zus van mijn grootmoeder woonde.
Ze was gierig en ongetrouwd. Ze verzamelde pluchen katten, maar ik mocht ze niet aanraken.
Ik heb Oostende heel lang geassocieerd met die antipathieke oude vrijster.
Tot ik naar Brugge verhuisde en terechtkwam in een onorthodoxe school waar veel kinderen uit Oostende les volgden.
Een van die kinderen was Marald, een onweerstaanbare baldadige punker met een hart van goud (als dat niet te banaal klinkt) en een penis om kraanvogel tegen te zeggen.
Natuurlijk was ik verliefd op Marald. En dus werd ik noodgedwongen ook verliefd op Oostende.
Oostende kwam me voor als ruig maar ook liefdevol; de badstad waar misfits in de armen worden gesloten.
Ik was een misfit. Ik ben een misfit. Bedankt Oostende, bedankt dat ik hier mag thuiskomen.

Credits
Illustratie: Janice Feryn

‘Toegeven dat we kwetsbaar zijn, mag blijkbaar niet’

Met curator Lucas De Man (37) over betrokkenheid praten, is een belevenis op zich. Wolligheid of holle frasen komen er niet aan te pas. Betrokkenheid zal gezellig zijn of niet zijn? Fuck that! “Kunstenaars moeten hun taak groots zien de komende twintig jaar. Niet meer: geliefd zijn in een minicircuitje waar 0,01% van de bevolking naartoe gaat. Wel: verhalen vertellen voor iedereen.” – Interview Katrien Brys

Lucas De Man: “Het voordeel aan een thema als betrokkenheid, is dat je er breed mee kan gaan, van de affiche tot het programma, van het openingslied tot de sectordag. Met Knack maakten we ook speciaal een magazine ‘100 ideeën voor een betere wereld’. Gaan er misschien mensen zijn die vinden dat we daarmee hoog van de toren blazen? Kan best, maar dat is hun probleem.
Niemand beweert de waarheid in pacht te hebben, maar het zijn wel honderd mensen die iets proberen doén.

‘Kunstenaars onderschatten de impact die ze hebben. We blijven te veel in onze bubbel.’

We spelen allemaal een rol in wat we een samenleving noemen, zeg je ook in je openingsstatement.

“Je moet geen mening hebben. Maar ook aan de kant blijven staan en toekijken is een vorm van handelen. Vind ik dat elke Belg zich morgen politiek moet engageren? Neen. Die oude politieke systemen gaan het vast niet meer lang rekken. En ik weet ook de waarheid niet. Als er iets irritant is aan de cultuurscene, dan is het wel dat velen daarin de neiging hebben om zich als de ‘moreel goede’ te positioneren.”
“Terzelfdertijd kunnen we ons maar beter goed bewust zijn van onze keuzes, waarom we die maken. Ik vermoed dat veel mensen in deze tijden een houvast missen. Zelfs moedeloos worden. Die fundamentele zoektocht van de mens – wat moet ik hier allemaal mee – ligt bloter dan ooit. Wat TAZ daar tegenover te zetten heeft? Misschien iets waar die eenzaamheid af en toe een plek kan krijgen, in woorden, in beelden, in iets dat troost of doet lachen of nadenken.”

Ben je nu niet heel voorzichtig met die weigering om de morele hooggrond te claimen? Je staat toch ook voor iets. Voor een diverse samenleving, voor progressieve rechten …

“Dat is waar. Maar ik weet niet of dat de enige juiste weg is. En het stoort mij als opiniemakers 30 procent van de bevolking wegzetten als dwalende idioten. Dat we nu kennelijk mensen automatisch moeten opdelen in volledig goed, volledig slecht. We leven niet in een Marvel comic, toch? In progressieve kunstenaarsmiddens lopen anders ook wel wat idiote en egoïstische slechteriken rond.”

De cultuuroorlog – de strijd tussen progressief versus conservatief – is de laatste jaren dan ook wel voelbaar op de spits gedreven. Waardoor opvallende dingen gebeuren. Zo ging Stephen Fry, toch iemand met liberale heldenstatus, vorig jaar bewust in debat met Jordan Peterson, posterboy van de alt-rightbeweging. Zijn redenering: als de progressieve zijde op deze manier verder doet, dreigen we net hetzelfde te doen als wat we de tegenpartij constant verwijten: mensen bij voorbaat en per definitie uitsluiten.

“Links-progressief, en ik reken mezelf daartoe, moet inderdaad echt wel eens over een andere taal nadenken. We wanen ons nog steeds in een haast 19e-eeuws concept: wij hebben gestudeerd, wij zijn de culturele elite, wij zijn de goede. Terzelfdertijd neemt de ongelijkheid zienderogen toe. Als het over een werkelijk diverse samenleving gaat – mensen met kleur in raden van bestuur, in de politiek, in het bedrijfsleven, op tv – dan lopen we in Nederland en België mijlenver achter op andere Europese landen.”
“Ook daar zie ik een taak voor kunstenaars in de komende twintig jaar. Niet: geliefd zijn in een minicircuitje waar 0,01% van de bevolking naartoe gaat. Wel: vertel verhalen voor iedereen. ‘Kunst moet blijven bestaan omdat het kunst is’ is een non-redenering. Niets belet je van op je zolderkamer kunst te maken. Niemand zegt dat het allemaal politiek en maatschappelijk geëngageerd moet zijn. Maar verhalen vertellen en verbeelding prikkelen moeten ook niet gedoemd zijn tot de marge.”

Je komt ontzettend gedreven over, maar ook bij jou moet vertwijfeling leven: maakt het eigenlijk wel allemaal iets uit?

“Ik zou zelfs zeggen dat mijn energie net uit een enorme kwetsbaarheid en angst voortvloeit. Doodkut, soms, maar het relativeert enorm om eens te kijken naar hoe de rest van de wereld eraan toe is. Hoogleraar psychiatrie Damiaan Denys zei onlangs: ‘We kunnen steeds moeilijker om met verdriet, pijn en lijden’. We zijn met z’n allen gebrainwasht dat we succesvol en gelukkig moéten zijn, en ondertussen vallen we met bosjes tegelijk om door burn-outs en depressies. Toegeven dat we kwetsbaar, angstig, zoekende zijn? Mag niet, kan niet. Wel, ik strijd daarvoor. Met al mijn energie.”

Ergens in een interview zei je: er is veel gezwam, maar er gebeurt weinig.

“Waarom denk je dat ik die Knack gemaakt heb? (lacht) Het klimaat, dat is het afgelopen jaar goed op de kaart gezet, al is het vast nog niet genoeg. Vluchtelingenproblematiek: we staan gewoon helemaal nergens. En de zwaarste toekomstige issues, die liggen volgens mij zelfs nog niet op tafel. Dat gaat dan over de maakbaarheid van de mens, onze belachelijke nood aan eeuwig leven en dus ook die extreme dwang om gelukkig te zijn.”

Misschien moeten we zelf even de daad hypothetisch bij het woord voegen? Stel: morgen krijg je 1 miljard euro waarmee je de wereld een beetje kan verbeteren. Wat doe je ermee?

radicaal hervormen

“Verstandig beleggen om er 4 miljard van te maken; dat lukt nog net in het huidig economisch systeem. (lacht) En dan volledig inzetten op kinderarmoede. In Canada hebben ze op tien jaar tijd de kinderarmoede gehalveerd, door het systeem van de kinderbijslag zo radicaal te hervormen dat het volledig ten goede komt van mensen met de laagste inkomens. Zodra je de kinderarmoede weet af te schaffen, krijg je als vanzelf een diverse samenleving, en dan andere soorten dialogen. Of dat zoveel beter zou zijn? Geen idee. Maar het zou op zijn minst toch al veel eerlijker zijn.”

‘Elk artistiek genre heeft zijn eigen codes’

Michael De Cock legt de kunst van het pitchen uit

Voor de tweede keer organiseren deAuteurs, VAF en VAF Gamefonds de Cross-Overpitch op TAZ. In de aanloop van het festival dienden tientallen kunstenaars een voorstel in voor een artistiek project waarbij ze een cross-over zullen maken van hun eigen medium naar een ander medium. Uit deze voorstellen werden negen kandidaten geselecteerd die gedurende drie dagen professionele begeleiding zullen krijgen bij het uitwerken van hun voorstel. Schrijver, scenarist en theatermaker Michael De Cock (KVS) is één van de begeleiders bij die Cross-Overpitch.
Elke Huybrechts

De Cock: “Het idee is om mensen te begeleiden die een verhaal willen vertellen, maar die nog niet precies weten hoe ze het in een bepaalde vorm kunnen gieten. Maar het kan ook gaan over mensen die hun verhaal al in een bepaald medium hebben vormgegeven en die zich aan een ander medium willen wagen. Er zit bijvoorbeeld iemand bij die haar eerste theaterperformance wil maken, er zit iemand bij die een game wil ontwikkelen, iemand die aan een scenario werkt voor een film… Kortom, allemaal boeiende projecten. Ik ben zelf coach van drie kunstenaars en dat is best spannend.
Wij willen met dit concept artiesten op TAZ adviseren over hoe ze een andere taal, een ander medium, kunnen leren en zich eigen maken. Daarvoor moet je de grammatica van jouw medium durven loslaten en je bekwamen in een andere grammatica. Elk genre heeft namelijk zijn eigen code. Veel kunstenaars worstelen met die codes en als begeleiders zullen we proberen om hen de gepaste hulp te bieden.”

“Naast de coaching modereer ik ook een masterclass die voor iedereen toegankelijk is. Ik ga er in gesprek met Ish Ait Hamou, Hans Van Nuffel en Simon(e) van Saarloos om het te hebben over onze ervaring met verschillende media. Vrijdag vindt ter afsluiting de openbare pitch plaats. Artiesten worden binnen dit format namelijk ook geholpen bij het schrijven van een pitch voor hun toekomstig project. De ultieme test bestaat er uiteraard uit om die pitch voor een publiek te brengen. Het doel is dat de deelnemers zo helder en scherp mogelijk kunnen verwoorden wat hun doelstellingen zijn, zodat het publiek warm gemaakt wordt voor het project. Misschien zitten er ook professioneel geïnteresseerden in de zaal die ervoor kunnen zorgen dat onze deelnemers de middelen en de kansen krijgen om hun project te ontwikkelen.”

“Ik heb zelf in het verleden al twee keer aan een soortgelijke workshop meegedaan om me te bekwamen in de cinematografie. Zo leerde ik hoe ik een boek kon omvormen tot een filmscenario. Ik weet dus uit ervaring dat zulke masterclasses voor de deelnemers inspirerend zijn. Als je thuiskomt na zo’n workshop heb je meestal zin om meteen verder aan je project te werken – omdat je zoveel input gekregen hebt en je de gelegenheid had om tot in de vezels van je project te kunnen doordringen. Ik hoop dat ik de deelnemers van de Cross-Over Masterclass/Pitch dat gevoel ook kan bezorgen.”